ArchLand00008.pngProjectieopties

Voor het projecteren van ontwerplagen met georeferentie heeft u de keuze tussen verscheidene types van geografische projectie. Vooral voor grotere kaarten is het van belang dat u de geschikte projectie selecteert.

In de dialoogvensters ‘Georeferentie document’ en ‘Georeferentie’ vindt u een keuzelijst met projecties. De projecties boven de scheidingslijn zijn variaties op de basistypes die u onder de scheidingslijn terugvindt. De optie ‘Vierkante platkaart’ is bijvoorbeeld gebaseerd op de Equidistante cilinderprojectie. In onderstaande tabel worden de basistypes beschreven.

projection_options.png 

Veld

Omschrijving

Equidistante cilinder

Dit is de eenvoudigste projectie en een geschikte keuze voor wereldkaarten. De lengte- en breedtegraadlijnen zijn recht en staan op onderling gelijke afstand.

De projectie Lengte/Breedte documenteenheden is een equidistante cilinderprojectie, gecentreerd rond de evenaar en de 0-meridiaan, waarbij één breedtegraad en één lengtegraad overeen komen met één maateenheid van het document.

De Vierkante platkaart is ook een equidistante cilinderprojectie, gecentreerd rond de evenaar en de 0-meridiaan. De schaalverdeling gebeurt in reële eenheden.

proj_equirectangular.png 

Equidistante azimutale

Dit is een goede keuze voor gebieden gelegen rond een bepaald punt, met een hoogte en breedte die min of meer gelijk zijn. De rechte lijnen vanuit het middelpunt geven de geografische afstand nauwkeurig weer.

proj_azimutheq.png 

Transverse Mercator

Dit is de voorkeursoptie om smalle (noord-zuid) gebieden rond een gekozen lengtegraad in kaart te brengen. Gebieden op de kaart die verder naar het oosten en westen liggen worden in hoge mate vervormd. De centrale lengtegraad ligt op de gekozen meridiaan; de centrale breedtegraad ligt ter hoogte van het gebied dat in kaart wordt gebracht. De schaal hoort 1 of quasi 1 (bv. 0,9996) te zijn.

De Universele Transversale Mercatorprojectie is een transversale Mercator bepaald door zones van elk 6° lengtegraden breed.

De projecties van het Amerikaanse State Plane Coordinate System (SPCS) gebruiken meestal de Transversale Mercatorprojectie of de Conforme kegelprojectie van Lambert, afhankelijk van de vorm van de staat en haar gebieden. Er bestaan twee systemen o.b.v. twee verschillende Noord-Amerikaanse Datums: NAD27 (in ongebruik) en NAD83 (de huidige standaard).

proj_transmercator.png 

Cassini-Soldner

Dit is een andere goede optie om smalle (noord-zuid) gebieden rond de centrale lengtegraad in kaart te brengen. Gebieden op de kaart die verder naar het oosten en westen liggen worden in hoge mate vervormd.

proj_cassinisoldner.png 

Gnomonische

Dit is een goede keuze voor navigatiekaarten en kleine gebieden rond een gekozen punt. Deze projectie heeft als voordeel dat grootcirkels op de kaart weergegeven worden als rechte lijnen (nl. de kortste geografische afstand).

proj_gnomonic.png 

Conforme kegelprojectie van Lambert

Dit is een goede keuze om uitgestrekte gebieden (oost-west) tussen twee gekozen parallellen in kaart te brengen. Hoe verder de gebieden van de gekozen parallellen verwijderd liggen, hoe meer vervorming er optreedt.

De projecties van het Amerikaanse State Plane Coordinate System (SPCS) gebruiken meestal de Transversale Mercatorprojectie of de Conforme kegelprojectie van Lambert, afhankelijk van de vorm van de staat en haar gebieden. Er bestaan twee systemen o.b.v. twee verschillende Noord-Amerikaanse Datums: NAD27 (in ongebruik) en NAD83 (de huidige standaard).

proj_lambertconic.png 

Stereografische cilinder

Dit is een goede keuze om de poolstreken in kaart te brengen. Het middelpunt wordt bepaald door parameters: 90° breedte voor de Noordpool en -90° breedte voor de Zuidpool. U kunt andere punten gebruiken. De schaal hoort 1 of quasi 1 (bv. 0,9996) te zijn.

proj_stereographic.png 

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~

Georeferenties toekennen aan een ontwerplaag

Georeferenties aan een document toevoegen