ArchLand00001.pngGeoreferenties aan een document toevoegen

Commando

Locatie

Georeferentie

Bestand > Instellingen document

Georeferenties zijn een complex gegeven, wat werkt voor een architecturale workflow is mogelijk niet geschikt voor een GIS workflow. Verschillende regio’s op aarde hebben verschillende geografische vereisten.

Aangezien de aarde niet perfect bolvormig is, is het niet zo vanzelfsprekend om een kaart te projecteren op het aardoppervlak of om een object over te brengen op dat oppervlak. Projecties zijn rekenkundige berekeningen die de vorm van de aarde op een 2D-vlak overdragen. Omdat er tijdens die overdracht gegevens verloren gaan, zijn er verscheidene projecties nodig om de latitudinale en longitudinale coördinaten van de ongelijkmatige aardbol op een 2D-vlak weer te geven.

Wanneer u met georeferenties werkt, zal elke ontwerplaag (cartesisch coördinatenstelsel) informatie opslaan omtrent zijn projectie op een geografisch coördinatenstelsel (op basis van lengte- en breedtegraden). De verschuiving ten opzichte van het nulpunt bepaalt hoe de projectie zich verhoudt tot het interne nulpunt (het middelpunt van de tekening in het Vectorworksbestand). De projectie kan op ieder moment uitgeschakeld worden, zowel op het niveau van het document als op het niveau van de ontwerplaag, afhankelijk van de GIS-werkmethode.

U kunt via het commando Georeferentie regelen dat alle of de meeste ontwerplagen dezelfde georeferentie zullen gebruiken. U kunt daarna in elke ontwerplaag deze instelling activeren en indien nodig bijsturen.

Ontwerplagen zonder georeferentie zullen per definitie rechtstreeks op het XY-assenstelsel worden gezet. Het nulpunt zal zich dan op 0°, 0° bevinden en de schaal die wordt aangehouden is de schaal van de lengte- en breedtegraad aan de evenaar. Sommige georeferentiegereedschappen zullen niet naar behoren werken op lagen zonder georeferentie.

Om georeferenties aan een document toe te voegen:

  1. Selecteer het commando.

  2. Het dialoogvenster ‘Georeferentie document’ wordt geopend.

  3. Ken georeferenties toe aan elke ontwerplaag waarvoor dit vereist is. Ga hierbij te werk zoals beschreven in Georeferenties toekennen aan een ontwerplaag.